Promotie: hoe moslimjongeren hun religieuze identiteit ontwikkelen

gw_hum_moslimjongeren_770x510

© iStockphoto.com/1001nights

Je hebt wel eens een idee. In 2008 was er zo’n moment. Een onderzoek naar de religieuze identiteitsontwikkeling van moslimjongeren in onze samenleving. Want: wat weten we daar eigenlijk over en hoe kunnen we er meer over te weten komen?

 
Het idee werd werkelijkheid en een promotieonderzoek ging van start in 2010. En volgende maand wordt het onderzoek verdedigd, door promovenda Elsbeth Visser-Vogel. Met veel plezier heb ik samen met collega’s Cok Bakker (UU) en Marcel Barnard (PThU) het onderzoek gedurende de afgelopen jaren begeleid.

 
Centrale vraag in het onderzoek is: Hoe beleven en ontwikkelen moslimjongeren hun religieuze identiteit? Op 19 mei verdedigt Elsbeth Visser-Vogel haar proefschrift, met als titel ‘Religious identity development of orthoprax Muslim adolescents in the Netherlands’.
Het onderzoek werd mogelijk gemaakt door een gezamenlijke inspanning van de Universiteit Utrecht, de Protestantse Theologische Universiteit en Driestar educatief.

Meer inhoudelijke informatie over het proefschrift en praktische gegevens over de promotie zijn te vinden op de website van de Universiteit Utrecht: http://www.uu.nl/agenda/hoe-moslimjongeren-hun-religieuze-identiteit-ontwikkelen

Advertenties

Kerk naar 2025: een crisis?

pknOnlangs kwam de nota “kerk naar 2025: een verkenning” uit die zal worden besproken in de komende PKN synodevergadering (23/24 april 2015). Wat staat in deze nota geschreven ten aanzien van kinderen en jongeren? Viermaal worden ze expliciet genoemd:

 
– Het is voor veel tijdgenoten niet gemakkelijk zich bij bestaande gemeenschappen te voegen. “Dat geldt vaak ook voor de eigen kinderen. Zij ervaren drempels waar ze niet zomaar overheen komen.” (p. 11)
– “Hoe dragen we het geloof over aan elkaar en onze kinderen, en hoe wijden we hen in de wereld van de christelijke traditie in? Juist in de geloofsoverdracht is veelal sprake van een crisis, en daarom staan we voor de uitdaging hier op eigentijdse wijze inhoud aan te geven. “ (p. 11)
– “Ze [ambtsdragers, AK] kunnen echter ook hun speerpunt maken in missionair werk of werk onder jongeren.” (p. 13)
– “Kerkleden, vooral jongeren, identificeren zich minder of helemaal niet met een georganiseerd kerkgenootschap.” (p. 13)

Is het inderdaad een crisis als het om de voortgang van geloven gaat? Het beeld dat uit het rapport opkomt heeft er inderdaad wat van weg. De volwassen generaties weten niet meer hoe het geloof overgedragen moet worden en hoe een nieuwe generatie in te wijden is in de christelijke traditie. Bovendien werkt die nieuwe generatie bepaald niet mee: die identificeert zich minder of in het geheel niet met een georganiseerd kerkgenootschap en kan maar moeilijk drempels overstappen om zich bij bestaande gemeenschappen te voegen.

In het licht van deze “crisis” lijkt mij, meer dan nu in de nota wordt gedaan, voor de “kerk naar 2025” een godsdienstpedagogische reflectie op zijn plaats. Eerder wees ik daar al op onder de titel “in elke monnik, missionaris en leider schuilt een opvoeder”. Het is opmerkelijk dat deze, wat ik noem, godsdienstpedagogische perspectieven nauwelijks betrokken worden in discussies over wat dan heet ‘de toekomst van de kerk’. Ik hoop dat de synode aan het einde van deze maand ook zal aandringen op deze in mijn ogen noodzakelijke godsdienstpedagogische doordenking en uitwerking van de constateringen en verkenningen in de nota.

Om deze doordenking en uitwerking alvast een handje te helpen stel ik nu alvast de tekst beschikbaar van een artikel dat zeer binnenkort verschijnt in International Journal of Christianity and Education. Deze is te downloaden vanaf mijn pthu medewerkerspagina. Kern van mijn betoog in dat artikel is dat instituten met het oog op de jongste generatie zich moeten richten op het vormen van autoriteiten en het ondersteunen van nieuwe gemeenschappen.